Hoe vrije associatie je in contact brengt met jouw onbewuste

 

Je kan door middel van associëren inzichten vanuit je ‘bijna-bewuste’ en onbewuste verkrijgen. Maar hoe werkt dat precies?

 

In de wereld zijn zoveel prikkels dat we al vroeg in ons leven starten met het in kaart brengen van de wereld aan de hand van automatiseren, abstraheren, coderen en generaliseren. Dit zijn ons gekozen mechanisme van (informatie)verwerking zodat we minder opslagruimte gebruiken – we versimpelen gewoon onze werkelijkheid, gevoel of ervaring in ons hoofd.

Automatiseren

Bij automatiseren moeten velen van ons terugdenken aan onze tafeldiploma op de basisschool. Althans ik. Daar werd ik voor het eerst bewust van deze hersenfunctie. Taal hebben we ook geautomatiseerd. Wanneer je iets automatiseert, gaat de informatie direct naar je lange termijn geheugen cerebellum. Tja, je moet wel, want je korte termijn geheugen – je werkgeheugen in de prefrontale cortex –  kan slechts een beperkt aantal items vasthouden. Maar goed, je begrijpt dat we het ook inzetten als we bijvoorbeeld autorijden. Ik denk in ieder geval niet meer bewust na over hoe ik gas geef, hoe ik schakel, hoe ik stuur. Dat heb ik na zo vaak doen wel in kaart gebracht. Nee, ik ben gewoon met de weg bezig. Jij toch ook hopelijk?

Coderen en abstraheren

Voor de functies coderen en abstraheren trek ik graag de vergelijking met de werking van het comprimeren van bestanden op je computer. Dat betekent dat je informatie ‘inpakt’ – versimpelt – met een codering. Mocht je het nodig hebben, dan kun je altijd daar naartoe gaan om de volledige informatie weer ‘uit te pakken’. De volledige informatie zelf hoeft dus niet continu in beeld te zijn. Dat betekent dat als je aan een dier denkt dat blaft, je niet visueel ieder nageltje, snor- of vachthaartje hoeft te onthouden om te menen dat we het over een hond hebben. Wat betreft gevoelens spreken we in de codering ‘verdrietig’, ‘boos’, ‘blij’, ‘bang’ en ‘walging’. Bij ‘verdriet’ hoeven we dan niet iedere snotter, traan of steekje hartzeer te onthouden. Heerlijk overzichtelijk, vind je ook niet…?

Generaliseren

Bij de functie generaliseren kun je denken aan een conclusie doortrekken naar andere dingen. Bijvoorbeeld als je weet dat je kan fietsen, dan weet je dat je dat op alle fietsen kan zelfs op een waterfiets, ligfiets of tandem. Als je weet hoe de stekker in het stopcontact moet van een tosti-ijzer, dan weet je ook hoe dat moet bij een magnetron of welk apparaat dan ook met een snoer en stekker.

En pas op…

Ja en dan moet ik toch even een kleine error bij je (informatie)verwerkingsmechanisme benoemen. Door deze error ontstaan vooroordelen. Omdat we veel prikkels tegelijk ontvangen is het rustig voor ons brein om zo generiek mogelijk op te slaan. Dat doet je brein door zich vooral te focussen op zoeken naar overeenkomsten. Daardoor zijn we meer blind voor verschillen binnen een door ons opgeslagen groep. Stel we hebben ‘dier dat blaft’ uit het eerdere voorbeeld opgeslagen als de groep ‘hond’. Maar zijn er dan geen andere dieren die blaffen? Jazeker, een hert kan ook blaffen. Maar is het dan zo dat alle honden blaffen? Nee, het hondenras Basenji blaft niet. Hmmmm…eerder klonk het blaffende dier nog gemakkelijk. Nu blijken er toch uitzonderingen te zijn. Het is niet mijn bedoeling om deze hersenfunctie onderuit te halen. Want ja, het geeft ons ook een hoop voordelen. Maar ik wilde je wel even meer bewust maken dat onze brein graag dingen generaliseert. We kunnen ons brein goed gebruiken, maar laten we er geen alleenheerser van maken.

Voelen, denken, benoemen

Nou goed, ik heb je een indruk gegeven van hoe je (informatie)verwerking gaat. Nu komt de koppeling naar ‘verkrijgen van inzichten vanuit je ‘bijna-bewuste’ en onbewuste’. Je kan namelijk op een positieve manier gebruik gaan maken van jouw opgebouwde netwerk van generalisaties, abstracties, automatiseringen en codes. Hoe? Door vrije associatie – niet nadenken gewoon het eerste voelen, denken of benoemen wat bij je op komt bij een beeld, muziekstuk, kunstwerk, geur, woord…Ja, het kan van alles zijn als je er de aandacht voor hebt. Jouw associaties zijn ‘clues’ van je ware zelf. Alles om jouzelf beter te leren begrijpen kennen zit al in jou.

Je gebruikt meer bewust prikkels om ze op te triggeren.

Laat je bewust inspireren door je omgeving en associeer. Zo maak je contact met je onbewuste – je ware zelf.